Hoofd

Woord

Ogen van glas

De weg …

De weg, is weg.
Geluister onder mijn huid.
Knaagt het ongenoegen,
van ingehouden spanning.

Het leeft in mij.
Toch versta ik er niks van.
Slapeloos draai ik me dol.
Blader tussen de lakens.

Bedorven ideeën,
lopen uit hun vorm.
Een taal gesproken,
die ik niet begrijp.

Kan een hoofd uitputtelijk zijn?

Miss. Blue Sky.

Verloren

Ik ben iets kwijt.

Je kunt het niet zien.

Dat maakt het zoeken zo moeilijk.

Miss. Blue Sky.

Stil

Verdwaald woelen mijn benen.
Waar slaap met de nacht is verdwenen.

Exit

Soms sluit je een deur,
in de hoop dat andere open mogen gaan.

Ik sta te trappelen.
De deur staat op een kier.
Stiekem gluur ik naar binnen.
Ben ik hier mijn toekomst verloren?

De sleutel brand in mijn hand.
Zou ik het durven?
Zomaar de knop omdraaien.
Van richting veranderen.
Hoeveel kansen zitten er in mijn koffer?

Vele wegen leiden naar Rome.
Zeggen ze.

Miss.Blue Sky.

Ikea

Er ligt een been op tafel,
twee paar handen in de kast.
Mijn hoofd ben ik vergeten,
tanden in een glas.
Ogen rollen onder de bank,
haren bouwen een nest.
Tenen zijn op zichzelf gaan lopen.
Binnenstebuiten gekeerd vel,
oren verloren.

Wat past er dan wel?

Miss.Blue Sky.

V.T.T

V.T.T

(verleden tegenwoordige tijd).

Geleden verleden.
Tegenwoordig in de tijd.
Verlangen verloren.
Ontdekken dat vergeten niet slijt.

Geleden leed.
Gesprongen tijd.
Verleden dat zo de toekomst in glijdt.
Het leven blijft maar kloppen.
Een verlangen verliezen.
Van een lichaam dat slijt.

Het stormt nooit geweende tranen.
Zoet smaakt bitter en toch…
Lach ik mezelf naar de verdoemenis.

Miss. Blue Sky.

Gezien

In één seconde zie ik het gezicht.
Ik zag je.
Maar wilde het niet voelen.
Een verhaal dat zich opdrinkt,
waar ik niet wil slikken.
Het moest verzuipen.

Vernis bedekt versleten lagen.
Tijd schuurt verhalen bloot.
Waar niemand nog keek,
kijk ik achterom.

Het licht moest uit.
Onder het stof,
lag het gevangen.
Zonder toestemming.

Als de glorie een dunne lijn is,
ben ik schuldig
Schaamte staat naast mij in de rij.

Mijn lichaam speelt in het licht.
Ik lig in het donker.
Van de wereld.
Opgelost in de lucht.
De poortwachter van het zien,
kneep haar ogen toe.

Waar de storm de blaadjes van mijn takken rukt,
blijven de wortels gehoorzaam in de grond.
Wegwaaien zit er niet in.
Hoe vlucht je dan?

De put is niet diep genoeg.

Miss.Blue Sky.